Nut en motivatie

In het novembernummer van het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde staat een artikel van Annita Alting onder de titel Meisjes, docenten, natuurkunde: problemen en oplossingen. (Haar proefschrift (TUE,2003) is in z’n geheel alhier in pdf in te zien.)

Dat moet ik nog lezen. Ik heb er alleen nog doorheengebladerd. Het viel me op dat er iets werd gezegd als: ‘meisjes moeten het nut inzien van natuurkunde, dan vinden ze het ook wel leuk’. Dit is natuurlijk helemaal in tegenspraak met mijn quantum-is-dagelijks-leventheorietje.
Nu gaat dat artikel, als ik het goed heb gezien en onthouden, over mavoleerlingen, dus voorlopig is dit mijn uitweg. Het inzien van nut is vooral belangrijk voor de motivatie van (tegenwoordig) vmbo-leerlingen (m/v), en vwo-leerlingen (m/v) worden juist gemotiveerd door ‘grote vragen’.

Update Citaat: “Docenten zien graag dat hun leerlingen het vak kiezen vanuit interesse voor het vak – ze reageren heel positief als een leerling interesse toont – maar het gaat leerlingen vooral om het nut. Als ze het nuttig vinden, vinden ze het doorgaans ook leuk en werken ze er hard voor.”

En nog een, over de stofzuigerstelling “dat meisjes natuurkunde aantrekkelijker vinden als het vak gebracht wordt in een context waar zij geacht worden affiniteit mee te hebben, (…) ‘mensgerichte’ contexten zoals gezondheid, huishoudelijke apparaten, milieu enzovoort.” Desgevraagd antwoorden meisjes en jongens dat zij de verwachte contexten (voor jongens: techniek, spectaculaire verschijnselen en ‘mannensporten’) interessant vinden, maar “tegen de verwachting in bleken de onderzochte meisjes minder vaak natuurkunde te kiezen naarmate er, volgens de docent en de leerlingen, meer aandacht besteed werd aan voorbeelden en contexten uit ‘natuurverschijnselen’ en ‘lichaam en gezondheid’.”

Ik kan me voorstellen dat dat laatste komt doordat de contexten er nogal met de haren bijgesleept worden, als lekkermakertje worden gebruikt, zonder dat er echt iets mee gedaan wordt.
De eerste paragraaf gaat over lawines, spectaculaire plaatjes, spannend, leuk! Maar daarna krijgen we allemaal theoretisch gedoe over ‘wat is snelheid’ en ‘wat is versnelling’ en moeten we stomme sommetjes maken over karretjes die van schuine plankjes afrijden. We zouden het toch over lawines hebben!

(Hieronder de reacties zoals ze destijds op het oude blog werden geplaatst)

Frank:Heb je er ook ideeen over waarom vwo-leerlingen meer gemotiveerd worden door “grote vragen”?
En geldt dit voor alle “grote vragen”?

13 november 2003 @ 14:09

Florine:Nou ja, hoe hoger opgeleid, hoe meer ‘theoretische belangstelling’, denk ik. Da’s een beetje kort door de bocht maar toch.En er is natuurlijk een leeftijdsverschil: dit onderzoek ging over 2-mavo, de leerlingen die qm vanwege de grote vragen willen leren, zijn 5e- of 6e-klassers. Dat scheelt wel veel.

13 november 2003 @ 16:57

Frank:Zit eigenlijk wel wat in; als je meer theorie kan overzien, is het waarschijnlijk ook wel interessanter.
Heb je trouwens ook een ruimere bocht beschikbaar?
Waarom zijn VWO-ers nou juist in deze “grote vraag” geinteresseerd?

13 november 2003 @ 20:07

Advertenties