TASP – te laat, te laat

Een dag te laat, deze aflevering, want het is al woensdag. En dan gaat dit gedicht ook nog over juni, en het is al juli.

Hoe dan ook: een zoet, zomers, zelfs wat stoffig gedicht voor deze regenachtige dag.

Ode aan de bosbesstruiken

Ze groeien in wijde dondergroene struiken
dicht bij elkaar, innig verstrengeld zo-
dat je wel tellen kunt totdat je gehaald wordt.
De groenheid van de bosbesstruiken
is onbeschrijflijk. Groener dan deuren
van jeugd staan ze laag bij de grond.
Engelen bewaken de bosbesstruiken
in juni, de brandmaand, de maand die zijn mand
als een mond met vlammende zon beschildert.
Wat zucht en knarst dan het bos van zoetheid
en ongehoorde aroma’s: wacht toch
tot je hand ervan druipt, proef als laatste prikkel
de vleugelslag linea recta van de tingeltangel
de duistere stoffige zomerse bossen van de taal uit.

Juni 1968

H.H. ter Balkt

Advertisements