Op naar Mars?

Bij Sterrenwacht Sonnenborgh kun je Spoorzoeken op Mars. Ook hebben ze een prijsvraag wie de mooiste Curiosity Rover bouwt. Dit deed me niet alleen denken aan een oude aflevering van de dinsdagmiddag-wetenschapspoëzie: Martian haiku, maar ook aan een (helaas onsuccesvolle) sollicitatiebrief die ik van de zomer schreef, waarin ik een voorstel deed voor een multidisciplinaire discussie over reizen naar Mars.

Er worden namelijk serieuze plannen gemaakt om, na het onbemande Mars-karretje Curiosity, ook mensen naar de rode planeet te sturen. Het Mars One project wil over tien jaar een blijvende nederzetting op Mars hebben, en is nu druk bezig om mogelijke astronaut/kolonisten te vinden. Onze eigen Gerard ’t Hooft is een van de ambassadeurs van het project.

Behalve associaties met science-fictionfilms (en dus een gedichtje van Robin Williams), roept dit allerlei vragen op. Natuurlijk de technische vragen: hoe kom je bij Mars, hoe lang duurt de reis, wat heb je nodig om daar een kolonie te stichten? Is er water, lucht, hoe kom je aan eten? Op de website van Mars One staat het een en ander toegelicht onder Mission & Vision. Maar ik vraag me ook andere dingen af.

Er zijn blijkbaar mensen die het geen verschrikkelijk idee vinden om de rest van hun leven zonder familie en (oude) vrienden op een ‘cold, hostile planet‘ door te brengen, maar die niets liever willen. Die dromen van het ontdekken van nieuwe werelden. Misschien voor sommigen om dezelfde reden die de bedwingers van Mount Everest noemen: omdat het er is. Zou er een historicus van ontdekkingsreizen zijn, die inzicht kan geven in de overeenkomsten en verschillen tussen de beweegredenen van pakweg Columbus, poolreiziger Amundsen, en de moderne ruimte-ontdekkingsreizigers? En ontdekkingsreizen is een, maar een definitieve nederzetting, een kolonie is weer een stap verder. Waar komt die drang tot koloniseren eigenlijk vandaan? Het gras bij de buren is groener?

Welke psychologische effecten zou een enkele reis naar Mars voor de kolonisten hebben? Hebben ze alle ontberingen er eenvoudigweg voor over om hun droom te verwezenlijken, of worden die ontberingen samen met onvermijdelijke spanningen in de groep, iemand teveel. En wat dan? Wat kunnen we eigenlijk leren uit min of meer vergelijkbare situaties, van expedities naar onherbergzame oorden of groepen mensen die lange tijd op elkaar zijn aangewezen, afgesloten van de buitenwereld?

En, van nog weer een andere orde: zouden we, gezien onze geschiedenis van uitbuiten en vervuilen, andere planeten dan de onze niet met rust moeten laten?

Wat jammer dat de Universiteit Vrij van Nut niet meer bestaat, dit zou toch een mooi thema voor een cursus zijn! Of anders een Studium Generale reeks, een interdisciplinair keuzevak voor studenten, of voor mijn part een documentaire tv-serie.

Advertenties

  1. Je zult maar permanent opgescheept zitten met iemand waarvan je na een week ontdekt dat het een hork eerste klas is…

  2. Bijvoorbeeld :)
    Of met een Messias-complex, die de wereld wel even zal redden, als jullie nou maar gewoon doen wat hij zegt.

Reacties zijn gesloten.